De leerling leert zich mondeling en schriftelijk begrijpelijk uit te drukken
KD02
De leerling leert zich te houden aan conventies (spelling, grammaticaal correcte zinnen, woordgebruik) en leert het belang van die conventies te zien.
KD03
De leerling leert strategieën te gebruiken voor het uitbreiden van zijn woordenschat.
KD04
De leerling leert strategieën te gebruiken bij het verwerven van informatie uit gesproken en geschreven teksten.
KD05
De leerling leert in schriftelijke en digitale bronnen informatie te zoeken, te ordenen en te beoordelen op waarde voor hemzelf en anderen.
KD06
De leerling leert deel te nemen aan overleg, planning, discussie in een groep.
KD07
De leerling leert een mondelinge presentatie te geven.
KD08
De leerling leert verhalen, gedichten en informatieve teksten te lezen die aan zijn belangstelling tegemoet komen en zijn belevingswereld uitbreiden.
KD09
De leerling leert taalactiviteiten (spreken, luisteren, schrijven en lezen) planmatig voor te bereiden en uit te voeren.
KD10
De leerling leert te reflecteren op de manier waarop hij zijn taalactiviteiten uitvoert en leert, op grond daarvan en van reacties van anderen, conclusies te trekken voor het uitvoeren van nieuwe taalactiviteiten.